Verpleegkundige, verzorgende IG, physician assistant of verpleegkundig specialist: elk zorgberoep heeft eigen eisen, bevoegdheden en registraties. Hier vind je per beroep wat je mag, wat je moet en hoe je functie zich verhoudt tot de Wet BIG.
Ingrid schrijft over de verschillende zorgberoepen en wat ze mogen en moeten. Ze werkte zelf als verzorgende IG en weet hoe verwarrend de verschillen tussen functies en registraties kunnen zijn.
ingrid@relias.nlEen physician assistant is een masteropgeleide, BIG-geregistreerde zorgprofessional die zelfstandig medische zorg verleent. Lees wat het beroep inhoudt.
Wat een physician assistant is, wat een PA zelfstandig mag onder de Wet BIG en hoe dit beroep zich verhoudt tot arts en verpleegkundige.
Wat doet een verpleegkundig specialist GGZ, welke opleiding hoort erbij en welke zelfstandige bevoegdheid geeft de Wet BIG? Rustig uitgelegd.
Kan de opleiding verzorgende IG in 6 maanden? Wat een traject van 6 maanden wel en niet oplevert en welke verkorte routes realistisch zijn.
De verzorgende IG valt onder de nationale beroepscode van verpleegkundigen en verzorgenden. Zo zit hij in elkaar en zo pas je hem toe.
Verzorgende IG en verpleegkundige verschillen in opleidingsniveau, bevoegdheden en BIG-registratie. Zo herken je wie wat mag.
Hoe werkt de verkorte opleiding tot verzorgende IG? Voor wie het geschikt is, welke rol EVC speelt en waar de duur van afhangt.
Een physician assistant stelt diagnoses, behandelt patiënten en werkt zelfstandig binnen een medisch vakgebied. Lees wat de taken en bevoegdheden zijn.
Een verpleegkundig specialist behandelt zelfstandig binnen een vakgebied en combineert medische zorg met verpleegkunde. Lees taken en bevoegdheden.
Een verzorgende IG helpt bij persoonlijke verzorging en voert verpleegtechnische handelingen uit. Lees wat het werk en de bevoegdheid inhouden.
Helpende zorg en welzijn is een niveau 2-opleiding. Niveau 3 is verzorgende IG. Zo zit het verschil in elkaar.
De toelatingseisen voor de masteropleiding physician assistant: vooropleiding, werkervaring in de zorg, een geschikte werkplek en een praktijkopleider.