Het kabinet zet extra stappen tegen zorgfraude en criminaliteit in de zorg. In een Kamerbrief van 10 september 2026 kondigt minister Mirjam Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport), mede namens de minister van Justitie en Veiligheid, vijf aanvullende opdrachten aan bovenop het pakket dat in juni verscheen. Skipr schreef erover in aanloop naar het Kamerdebat over goed bestuur en toezicht in de zorg van 24 september. Veel van de maatregelen richten zich op bestuurders, eigenaren en bemiddelingsbureaus. Toch raakt het onderwerp ook de werkvloer, want wie zorg levert, legt ook vast wat er geleverd is.
De vijf aanvullende opdrachten
De Kamerbrief zelf noemt vijf opdrachten van de ministeriële taskforce Ondermijning, die verschillende ministers samen uitvoeren.
- Strengere VOG-screening. Er komt een wetsvoorstel met strengere toetredingseisen voor zorgaanbieders. Eigenaren, bestuurders, interne toezichthouders en leden van de leiding moeten daarin een Verklaring Omtrent het Gedrag overleggen. Het kabinet verwacht dat wetsvoorstel in 2028 bij de Tweede Kamer in te dienen.
- Vervalste documenten. Er wordt onderzocht hoe vervalste papieren in de zorg beter te voorkomen, te herkennen en aan te pakken zijn. De brief noemt als recent voorbeeld EVC-certificaten (erkenning van eerder verworven competenties) die via misleiding zijn verkregen om in de zorg aan de slag te kunnen.
- Informatie delen. Partijen in de zorg en in het veiligheidsdomein lopen aan tegen belemmeringen bij het uitwisselen van informatie. Daar moeten oplossingen voor komen.
- Meer regie. Toezicht, handhaving en opsporing zijn verdeeld over veel instanties. Het kabinet onderzoekt hoe daar meer sturing op kan komen.
- Malafide bemiddelingsbureaus. Volgens de brief zetten sommige bureaus ongeschoolde of onbekwame mensen in als zorgverlener, soms met vervalste documenten. De minister van Sociale Zaken onderzoekt welke maatregelen daartegen nodig zijn.
Het gaat dus vooral om onderzoeken en een wetsvoorstel dat nog jaren op zich laat wachten. Over de uitkomsten wordt de Kamer in het tweede kwartaal van 2027 geïnformeerd. Voor nu verandert er voor jou als individuele zorgverlener nog niets aan je verplichtingen.
Waar de signalen over gaan
De brief bevat ook cijfers van het Informatieknooppunt Zorgfraude (IKZ). Dat ontving in 2025 in totaal 679 signalen van mogelijke zorgfraude, meer dan in eerdere jaren. De meeste gingen over declaraties voor zorg die niet is geleverd, over het declareren van meer of andere zorg dan er geleverd is en over zorg van onvoldoende kwaliteit. Het IKZ benadrukt dat een signaal nog geen bewezen fraude is. Het gaat om vermoedens die nader onderzoek kunnen vragen.
Dat beeld laat zien waarom de registratie op de werkvloer ertoe doet. Wat jij in het dossier of de urenregistratie zet over de geleverde zorg, is vaak de basis voor wat de organisatie declareert. Klopt het niet, dan valt het op zodra iemand gaat vergelijken. Leg daarom vast wat je werkelijk hebt gedaan, op het moment dat je het doet, en teken niet af voor zorg die een ander heeft geleverd of die niet is geleverd. Merk je dat er structureel meer wordt gedeclareerd dan er gebeurt, bespreek dat dan met je leidinggevende of gebruik de interne meldregeling van je organisatie.
Wat werkgevers moeten controleren
In haar antwoord aan de Kamer wees de minister ook naar de werkgever. Volgens Skipr moeten werkgevers zich ervan vergewissen dat medewerkers de juiste diploma’s en VOG’s hebben, ook als die via een uitzendbureau worden ingehuurd. Ze noemde gehandicaptenzorgorganisatie Eemhart als goed voorbeeld, omdat de leiding daar ontdekte dat een uitzendbureau sjoemelde met de papieren van uitzendkrachten.
Die controle is niet nieuw. De Wkkgz verplicht zorgaanbieders al om na te gaan wie ze inzetten, zoals je leest in ons stuk over de vergewisplicht. Werk je via een bureau of als invaller, reken er dan op dat een organisatie je diploma, VOG en eventuele BIG-registratie wil zien. Dat is geen wantrouwen, het is een wettelijke plicht van de aanbieder. Een BIG-registratie kan iedereen zelf nakijken, en hoe dat werkt staat in ons artikel over het BIG-register raadplegen.
Wat er gebeurt als een diploma of stage niet deugt, en wat dat betekent voor een inschrijving in het BIG-register, lees je in ons artikel over stage- en diplomafraude.
De rol van de toezichthouders
Bij de aanpak van zorgfraude werken meerdere instanties samen. Volgens de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd treedt zij op als fraude of een niet-integere bedrijfsvoering leidt tot ernstige risico’s voor de kwaliteit en veiligheid van zorg. Het toezicht op financieel-economische fraude ligt bij de Nederlandse Zorgautoriteit of bij het Openbaar Ministerie en opsporingsdiensten. Skipr merkt daarbij op dat de brief niet ingaat op de geplande krimp van de inspectie, die de komende zes jaar van 950 naar 650 arbeidsplaatsen moet.
Voor de werkvloer blijft de les eenvoudig. Fraude in de zorg begint vaak bij de bestuurstafel of bij een malafide bureau, maar wordt zichtbaar in de registratie van wat er aan het bed of bij de cliënt thuis gebeurt. Wie daar nauwkeurig is, beschermt cliënten, collega’s en zichzelf.

