week 44 · elke week nieuwe artikeleneditie 2026.44
Reliashelder over bevoegdheid, bekwaamheid en scholing in de zorg
Praktijk & actualiteiten

Ouderenmishandeling herkennen met een nieuwe tool: wat de meldcode vraagt

Sanne Willems
Sanne Willemskwaliteitsverpleegkundige · expert praktijk & actualiteiten
Verpleegkundige in gesprek met een oudere vrouw op een behandelkamer

Onderzoekers van de HAN en het Radboudumc hebben een instrument ontwikkeld waarmee zorgprofessionals op de spoedeisende hulp sneller kunnen nagaan of een oudere patiënt mogelijk wordt mishandeld. Het heet ERASE, wat staat voor ElderR Abuse ScalE, en werkt met één startvraag en een paar verdiepende vragen, bijvoorbeeld of er een vermoeden is van toegebracht letsel of tekenen van verwaarlozing. Dat meldde Skipr op 19 oktober. Aanvullende producten helpen bij de vervolgstappen, zoals overleg met Veilig Thuis en een bespreking in een multidisciplinair overleg.

De onderzoekers wijzen op een scheefheid. Bij kindermishandeling zijn signaleren en beschermen stevig verankerd, bij ouderen is dat minder vanzelfsprekend. Voor een SEH-bezoek kan dat het enige moment zijn waarop iets zichtbaar wordt. Een tool helpt bij het herkennen, maar wat je daarna doet, staat in de meldcode die elke zorgorganisatie verplicht moet hebben.

De meldcode geldt ook voor ouderen

De naam zegt huiselijk geweld en kindermishandeling, en het stappenplan begint met een kindcheck. Dat wekt de indruk dat het vooral over kinderen gaat. Wie het stappenplan van V&VN naast de uitkomsten van het onderzoek legt, ziet het tegendeel. Onder structurele onveiligheid noemt V&VN financiële uitbuiting, psychische mishandeling zoals kleineren of treiteren, en iemand verwaarlozen door geen of onvoldoende eten, medicatie, hulp of toezicht. Ook onverantwoorde zorg voor een zorgafhankelijke volwassene door verslaving of psychiatrie van de verzorger staat erin. Dat zijn precies de vormen die de onderzoekers bij ouderen noemen, naast lichamelijke mishandeling.

De vijf stappen bij een oudere patiënt

  1. Signalen in kaart brengen. Noteer wat je ziet en hoort. Letsel dat niet past bij het verhaal, een patiënt die zichtbaar vermagerd of onverzorgd binnenkomt, medicatie die niet wordt gegeven, een naaste die steeds voor de patiënt antwoordt. Een vragenlijst als ERASE helpt hier om niets over te slaan.
  2. Overleggen met een deskundige collega. Dat is meestal de aandachtsfunctionaris van je organisatie. Volgens V&VN kun je in deze stap ook Veilig Thuis om advies vragen, via 0800-2000, dag en nacht bereikbaar.
  3. In gesprek met de patiënt. Bij een oudere doe je dat zo mogelijk zonder de naaste erbij, zeker als die naaste ook de verzorger is. Houd rekening met afhankelijkheid, schaamte of geheugenproblemen.
  4. Wegen. Blijft het vermoeden bestaan, en is er sprake van acute of structurele onveiligheid? V&VN noemt als acute onveiligheid onder meer dat iemand met opzet wordt verwond, wapengebruik, seksueel geweld, of dat een verzorger van een zorgafhankelijke volwassene wegvalt door een zelfmoordpoging, een overdosis of ernstige psychiatrie.
  5. Beslissen. Is melden bij Veilig Thuis noodzakelijk, en kun je zelf hulp bieden of organiseren die tot duurzame veiligheid leidt? Bij acute of structurele onveiligheid meld je. Hulp en melden sluiten elkaar daarbij niet uit.

Wat je vastlegt

Het stappenplan van V&VN eindigt met afsluiten en vastleggen in het dossier, en dat loopt in de praktijk het makkelijkst mis bij een kort contact zoals op de SEH. Leg de signalen vast met datum, wat de patiënt letterlijk zei, met wie je overlegde en wat het advies was, welke afweging je maakte en wat je besloot. Houd waarneming en interpretatie uit elkaar. Schrijf dus dat er blauwe plekken op beide bovenarmen zaten en wat de dochter daarover zei, niet dat de dochter haar moeder vastpakt. Een collega of de huisarts die het dossier later leest, moet je redenering kunnen volgen.

Je beroepsgeheim staat een melding bij Veilig Thuis niet in de weg. Wie een beroepsgeheim heeft, heeft volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 een meldrecht, ook zonder toestemming van de patiënt. Hoe je dat afweegt tegen de privacy van je cliënt, lees je in ons stuk over wat je volgens de wet mag delen. De meldcode zelf en de rol van je werkgever staan uitgebreider in de meldcode huiselijk geweld in de zorg.

Waar de tool het verschil kan maken

Op de spoedeisende hulp is de tijd kort en ligt de focus op de medische klacht. Een instrument met een vaste startvraag kan dan helpen om het onderwerp aan te snijden zonder dat het afhangt van het onderbuikgevoel van wie er die dag dienst heeft. De tool vervangt de meldcode niet. Ze maakt de eerste stap concreter, zodat de stappen daarna ook echt gezet worden. Zorgprofessionals in de ouderenzorg en de wijk kennen vergelijkbare signalen, waarover we eerder schreven in alarmbellen in de ouderenzorg.

Sanne Willems
kwaliteitsverpleegkundige
Sanne Willems

Sanne vertaalt regels naar de werkvloer: protocollen, scholingsplannen en bekwaamheid aantoonbaar maken. Ze houdt het praktisch en denkt vanuit wat een team op een gewone dienstdag echt kan bijhouden.

sanne@relias.nl · Meer van Sanne Willems →