week 44 · elke week nieuwe artikeleneditie 2026.44
Reliashelder over bevoegdheid, bekwaamheid en scholing in de zorg
Praktijk & actualiteiten

Werken bij een patiënt met ebola: welke beschermingsregels er gelden voor jou

Sanne Willems
Sanne Willemskwaliteitsverpleegkundige · expert praktijk & actualiteiten
Zorgmedewerkers in beschermende isolatiekleding in een ziekenhuis

Sinds donderdag 1 oktober ligt er in het LUMC in Leiden een patiënt met ebola. Het gaat om een medewerker van Artsen zonder Grenzen die tijdens een uitzending in de Democratische Republiek Congo besmet raakte, zo meldde Skipr. Volgens het RIVM is de patiënt in strikte isolatie opgenomen. De hulporganisatie benadrukt dat de besmetting ondanks alle voorzorgsmaatregelen gebeurde, omdat het risico in een uitbraakgebied nooit helemaal is uit te sluiten.

Voor de meeste zorgmedewerkers in Nederland blijft ebola ver weg. Toch roept zo’n opname vragen op. Wat gebeurt er als jij een patiënt met een verdenking op de afdeling of de SEH krijgt? Welke bescherming hoort daarbij? En wat als je toch in contact bent gekomen met lichaamsvloeistoffen? De antwoorden staan in de LCI-richtlijn van het RIVM. Dit artikel zet de belangrijkste regels op een rij, het is geen vervanging van de richtlijn of van de protocollen in jouw instelling.

Waarom de patiënt in Leiden ligt

Ebola valt onder de virale hemorragische koortsen. Patiënten met zo’n ziekte worden in Nederland opgenomen in een gespecialiseerd behandelcentrum. Het LUMC liet bij de opname weten dat het beschikt over gespecialiseerde isolatiefaciliteiten en dat er regelmatig wordt geoefend op de komst van patiënten met ernstige infectieziekten, meldde de NOS. Volgens het ziekenhuis lopen andere patiënten en bezoekers geen risico. De uitbraak in Congo is volgens dezelfde berichtgeving de grootste die in dat land ooit is geregistreerd.

Dat de zorg in zo’n centrum gebeurt, is geen toeval. De LCI-richtlijn voor ebola en marburg noemt de beschermende maatregelen bij beoordeling, vervoer en behandeling zeer strikt en uitgebreid, en stelt dat uitgebreide training daarvoor onmisbaar is. Bij een verdenking moet daarom direct een ervaren ambulance- en ziekenhuisteam worden ingeschakeld.

Hoe het virus wordt overgedragen

Volgens de richtlijn verloopt besmetting via direct contact met lichaamsvloeistoffen van een besmette persoon, of van iemand die aan de ziekte is overleden, waarna het virus via slijmvliezen of beschadigde huid binnenkomt. Bloed, ontlasting en braaksel zijn het meest besmettelijk. Overdracht van mens op mens via de lucht is nooit aangetoond. De incubatietijd ligt tussen de 2 en 21 dagen, meestal rond de 9 dagen.

Dat verklaart waarom de bescherming zich zo sterk richt op huid, ogen, neus en mond, en waarom het uittrekken van de beschermende kleding minstens zo belangrijk is als het aantrekken.

Welke beschermende kleding de richtlijn voorschrijft

Voor het werk rond een patiënt met een (vermoedelijke) virale hemorragische koorts noemt de LCI-richtlijn onder meer de volgende onderdelen.

  • Twee paar niet-steriele handschoenen, met bij reinigen en desinfecteren stevige huishoudhandschoenen als bovenste paar.
  • Een overall met lange mouwen, met daaroverheen een schort van hals tot halverwege de kuiten.
  • Hoofdbedekking die ook hals en nek beschermt.
  • Overschoenen of laarzen, met daaronder gesloten schoeisel dat gereinigd en gedesinfecteerd kan worden.
  • Een FFP2-masker dat ook voldoet aan de eisen voor een chirurgisch mondneusmasker.
  • Een ruimzichtbril met indirecte ventilatie.

Voor afval uit de isolatiekamer, het desinfecteren van de kamer en van apparatuur verwijst de richtlijn naar de WIP-richtlijn voor virale hemorragische koortsen. In een behandelcentrum zijn die stappen uitgewerkt in protocollen en wordt het aan- en uitkleden geoefend. Heb je die training niet gehad, dan ben je voor deze zorg niet bekwaam, hoe ervaren je verder ook bent.

Melden en de rol van de GGD

Ebola is een meldingsplichtige ziekte in groep A2. Dat betekent dat een arts al bij het vermoeden direct moet melden aan de GGD, ook ’s avonds, ’s nachts en in het weekend. De richtlijn vraagt artsen en GGD daarnaast om bij een vermoeden meteen contact op te nemen met de Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding van het RIVM en met een behandelcentrum voor opname of overplaatsing. Als verpleegkundige doe je die melding niet zelf, maar je speelt wel een rol door een verdenking direct bij de arts neer te leggen.

Als je toch in contact bent gekomen

Zodra er een verdenking is, legt het ziekenhuis samen met de GGD een lijst aan van mensen die met de patiënt in contact zijn geweest. De richtlijn deelt die in drie groepen in.

  • Incidenteel contact, zoals in dezelfde ruimte zijn zonder direct contact. Daarvoor gelden geen extra maatregelen.
  • Laag risico, waaronder zorgpersoneel dat zich met de voorgeschreven bescherming adequaat heeft beschermd. Je meet dan drie weken lang twee keer per dag je temperatuur. Sinds een aanpassing van 2 oktober 2026 staat erbij dat je in die periode bij voorkeur niet naar het buitenland reist.
  • Hoog risico, voor wie zonder adequate bescherming contact had met de patiënt of diens lichaamsvloeistoffen. Daarbij hoort tot drie weken na het laatste contact twee keer per dag temperatuur meten, dagelijks contact met de GGD of een aangewezen contactpersoon, een verbod om het land te verlaten en een beoordeling door een internist-infectioloog.

Bij koorts van 38 graden of hoger, of bij klachten die bij de ziekte passen, neem je in beide risicogroepen contact op met de GGD of de contactpersoon in het ziekenhuis.

Gaat er iets mis tijdens het werk, bijvoorbeeld een scheur in een handschoen of een spat in je gezicht, dan beschrijft de richtlijn een vaste volgorde. Eerst reinig je de huid direct met ruim water en vloeibare zeep, of spoel je ogen en slijmvliezen met ruim water of oogspoelvloeistof. Daarna volgt melding en verwijzing met spoed naar een internist-infectioloog in een behandelcentrum of umc.

Wat je werkgever moet regelen

De richtlijn legt veel verantwoordelijkheid bij de organisatie. Het gaat om de juiste beschermingsmiddelen, training in het gebruik ervan en duidelijke afspraken over wie een verdachte patiënt opvangt. Werk je op een SEH, een huisartsenpost of in de ambulancezorg, dan is het goed om te weten waar het protocol voor een verdenking op een ernstige infectieziekte staat en wie je dan belt. Een opname zoals in Leiden is zeldzaam, maar dat is precies de reden om het protocol te kennen voordat je het nodig hebt.

Sanne Willems
kwaliteitsverpleegkundige
Sanne Willems

Sanne vertaalt regels naar de werkvloer: protocollen, scholingsplannen en bekwaamheid aantoonbaar maken. Ze houdt het praktisch en denkt vanuit wat een team op een gewone dienstdag echt kan bijhouden.

sanne@relias.nl · Meer van Sanne Willems →