week 44 · elke week nieuwe artikeleneditie 2026.44
Reliashelder over bevoegdheid, bekwaamheid en scholing in de zorg
Zorgberoepen

Zorgprofiel 4 blijft vaker thuis: wat dat vraagt van de wijkverpleging

Ingrid Bakker
Ingrid Bakkerloopbaanadviseur in de zorg · expert zorgberoepen
Wijkverpleegkundige helpt een oudere man in zijn woonkamer

Ouderen met het zorgprofiel VV4 verhuizen bijna niet meer naar een verpleeghuis. Volgens nieuwe cijfers van Zorginstituut Nederland over 2025 ging vorig jaar nog maar 5 procent van deze groep naar een verpleeghuis, tegen 8 procent in 2024 en 23 procent in 2019. Dat meldde Skipr op basis van de Monitor verblijfsduur van het Zorginstituut. Voor de verpleeghuizen betekent het lege kamers. Voor de wijk betekent het dat cliënten met een zware zorgvraag thuis blijven, en dat de zorg die vroeger op een afdeling werd gegeven nu bij iemand in de woonkamer gebeurt.

Wat VV4 is en waarom het thuis blijft

Het zorgprofiel VV4 staat voor een woonvorm met intensieve begeleiding en uitgebreide verzorging. Het is het lichtste profiel waarvoor iemand een Wlz-indicatie voor verpleeghuiszorg kan krijgen. Sinds begin 2024 geldt voor VV4 het beleid zorg thuis, tenzij. Opname in een verpleeghuis kan alleen nog als thuis wonen niet langer veilig of haalbaar is. Het beleid is erop gericht deze ouderen zoveel mogelijk thuis te laten wonen met inzet van wijkverpleging.

De cijfers laten ook zien dat ouderen korter in een verpleeghuis wonen. Het aandeel dat er langer dan 48 maanden verblijft, daalde van 24 procent in 2019 naar 18 procent in 2025. Het aandeel dat er korter dan drie maanden woont, steeg van 17 naar 22 procent. Steeds vaker gaan ouderen pas naar een verpleeghuis als hun zorgvraag heel hoog is. In 2025 was de uitstroom uit verpleeghuizen ongeveer 3000 mensen groter dan de instroom.

Wat dat vraagt van je bevoegdheid

Voor de Wet BIG maakt het niet uit of je in een verpleeghuis of bij iemand thuis werkt. Een voorbehouden handeling, zoals insuline spuiten of een katheter inbrengen, voer je als verzorgende IG of verpleegkundige uit in opdracht van een arts. Dat de cliënt thuis woont, verandert alleen wie die opdrachtgever meestal is. In het verpleeghuis is dat vaak de specialist ouderengeneeskunde die op de locatie werkt. Thuis is het meestal de huisarts.

Juist daar zit het verschil. Een opdracht van een huisarts voor een cliënt thuis moet net zo duidelijk zijn als een opdracht in het verpleeghuis, met aanwijzingen over wat je doet en wanneer je belt. Bij een verzorgende IG moet bovendien toezicht en tussenkomst geregeld zijn waar dat redelijkerwijs nodig is. In een verpleeghuis loopt er een verpleegkundige rond die je erbij kunt halen. In de wijk sta je er alleen voor, en moet er dus telefonisch iemand bereikbaar zijn. Hoe dat bij insuline werkt, beschreven we in het stuk over insuline geven als verzorgende IG.

Wat dat vraagt van je bekwaamheid

Bevoegd zijn is één ding. Bekwaam blijven is in de wijk lastiger. In een verpleeghuis met vijftig bewoners doe je bepaalde handelingen dagelijks. In een wijkteam dat steeds meer VV4-cliënten krijgt, komen handelingen langs die je een tijd niet hebt gedaan. Daarbij gaat het niet alleen om voorbehouden handelingen. Ook risicovolle handelingen zoals het verzorgen van een sonde of het beoordelen van decubitus vragen ervaring. Het verschil tussen die twee groepen leggen we uit in ons stuk over risicovolle handelingen voor de verzorgende IG.

Daar komt bij dat een VV4-cliënt thuis vaak een combinatie heeft van lichamelijke achteruitgang, beginnende dementie en een mantelzorger die het zwaar heeft. Het signaleren van achteruitgang wordt dan belangrijker dan elke afzonderlijke handeling. Wie weet wanneer thuis niet meer veilig is, kan op tijd aan de bel trekken voor een herbeoordeling. Het Zorginstituut ontwikkelde deze zomer in opdracht van VWS een afwegingskader dat zorgprofessionals helpt vaststellen voor welke ouderen een verhuizing naar het verpleeghuis de meest passende oplossing is.

Samenwerken met huisarts en specialist ouderengeneeskunde

Een nieuwe zorgvorm moet de zware zorg thuis ondersteunen. Bij trajectzorg werkt de huisarts bij zeer complexe zorgvragen intensief samen met een specialist ouderengeneeskunde, zodat mensen tot het einde thuis kunnen blijven. Trajectzorg wordt sinds begin 2025 vergoed uit het basispakket, maar is volgens het bericht nog niet overal beschikbaar.

Voor de wijkverpleegkundige is dat goed nieuws, omdat er dan een tweede arts met kennis van ouderenzorg meedenkt. Het is wel zaak om helder te hebben wie de opdrachten geeft en wie bereikbaar is in de avond en het weekend. Hoe teams dat elders oplossen, lieten we zien in het stuk over de thuiszorgpoli.

Niet iedereen ziet het als succes

De daling wordt in de sector niet overal als vooruitgang gezien. In een reactie onder het Skipr-bericht schrijft een lezer dat achter de cijfers de vraag schuilgaat of ouderen langer de regie houden, of noodgedwongen thuis blijven omdat de toegang tot het verpleeghuis moeilijker wordt. Ook het Zorginstituut zelf stelt dat de cijfers vragen om aanpassingen in het zorg- en woonaanbod.

Wie in de wijk werkt, merkt die spanning het eerst. Het is niet aan jou om te beslissen of iemand naar een verpleeghuis moet, maar je observaties zijn wel de onderbouwing voor die beslissing. Leg ze daarom vast, ook als ze op het moment zelf klein lijken. Zo maak je zichtbaar wanneer zorg thuis tenzij omslaat in zorg thuis terwijl het eigenlijk niet meer gaat.

Ingrid Bakker
loopbaanadviseur in de zorg
Ingrid Bakker

Ingrid schrijft over de verschillende zorgberoepen en wat ze mogen en moeten. Ze werkte zelf als verzorgende IG en weet hoe verwarrend de verschillen tussen functies en registraties kunnen zijn.

ingrid@relias.nl · Meer van Ingrid Bakker →