week 44 · elke week nieuwe artikeleneditie 2026.44
Reliashelder over bevoegdheid, bekwaamheid en scholing in de zorg
Bevoegd & bekwaam

Mag een verzorgende IG insuline geven? Wat de Wet BIG zegt over de opdracht

Karin de Vries
Karin de Vriesverpleegkundige en praktijkopleider · expert bevoegd & bekwaam
Verzorgende in de thuiszorg bereidt een insulinepen voor aan een keukentafel

In de wijk en in het verpleeghuis is het dagelijkse kost. Een cliënt met diabetes krijgt insuline, en de verzorgende IG op de route staat met de pen in de hand. Mag dat eigenlijk? Het korte antwoord is ja, maar niet zomaar. Insuline spuiten is een injectie, en injecties geven is in de Wet BIG een voorbehouden handeling. Of jij die als verzorgende IG mag uitvoeren, hangt af van drie dingen. Er moet een opdracht zijn van iemand die zelf bevoegd is, jij moet bekwaam zijn, en de randvoorwaarden rond toezicht moeten geregeld zijn. Dit stuk legt uit wat de wet daarover zegt. Het gaat over regels, niet over de medische kant van insuline. Vragen over dosering of bijzonderheden bij een cliënt horen bij de arts of de verpleegkundige die erbij betrokken is.

Waarom insuline onder de Wet BIG valt

De Wet BIG noemt in artikel 36 een reeks handelingen die zo risicovol zijn dat alleen bepaalde beroepen ze zelfstandig mogen verrichten. Het geven van injecties is er een van. Voor injecties zijn onder meer artsen bevoegd, en ook tandartsen, verloskundigen, physician assistants en klinisch technologen voor zover het binnen hun deskundigheidsgebied valt. De verzorgende IG staat niet in dat rijtje, en de verpleegkundige ook niet.

Dat de insuline met een pen wordt gegeven en niet met een losse spuit, verandert daar niets aan. Het blijft een injectie onder de huid. De wet gaat wel over beroepsmatig handelen. Een cliënt die zichzelf insuline geeft, of een mantelzorger die dat doet, valt niet onder deze regels. Neem je als zorgverlener de handeling over, dan wel.

Wil je het volledige overzicht van deze handelingen, kijk dan in ons stuk over de voorbehouden handelingen uit de Wet BIG.

De opdracht, bekwaamheid en aanwijzingen

Artikel 35 is het artikel waar het voor jou om draait. Wie niet zelf bevoegd is, mag een voorbehouden handeling verrichten als aan drie voorwaarden is voldaan.

  1. Er is een opdracht van iemand die zijn bevoegdheid ontleent aan artikel 36, in de praktijk meestal de huisarts, de specialist ouderengeneeskunde of de behandelend specialist.
  2. Je mag redelijkerwijs aannemen dat je beschikt over de bekwaamheid die nodig is om de opdracht goed uit te voeren.
  3. Heeft de opdrachtgever aanwijzingen gegeven, dan handel je volgens die aanwijzingen.

Is aan die drie voorwaarden voldaan, dan ben je volgens het tweede lid van artikel 35 bevoegd voor die handeling. Het is dus geen gunst van de werkgever of een gewoonte op de afdeling. Je bevoegdheid komt rechtstreeks uit de wet, maar alleen zolang de voorwaarden kloppen.

Bekwaamheid is daarbij de voorwaarde die het meest van jezelf afhangt. Je hebt het in je opleiding geleerd, maar de vraag is of je het nu nog beheerst. Ben je onzeker, heb je het lang niet gedaan of gaat het om een situatie die je niet kent, dan ben je op dat moment niet bekwaam, en dan mag je de opdracht weigeren. Dat is geen zwakte maar precies wat de wet van je vraagt. Meer over het verschil tussen de twee begrippen lees je in ons stuk over bevoegd en bekwaam.

Wat de opdrachtgever moet regelen

De wet legt niet alleen eisen bij jou neer. Artikel 38 verbiedt een bevoegde zorgverlener om een opdracht te geven, tenzij twee dingen in orde zijn. Waar dat redelijkerwijs nodig is, moeten er aanwijzingen zijn over hoe de handeling wordt verricht, en moeten toezicht en de mogelijkheid tot tussenkomst voldoende verzekerd zijn. Daarnaast moet de opdrachtgever redelijkerwijs mogen aannemen dat jij bekwaam bent.

Die woorden “waar dat redelijkerwijs nodig is” zijn belangrijk. Toezicht betekent niet dat er altijd iemand naast je moet staan. Het betekent dat de opdrachtgever op grond van de complexiteit en de risico’s bepaalt hoeveel toezicht er nodig is, en dat er iemand bereikbaar is om in te grijpen als het misgaat. Bij een stabiele cliënt met een vaste dosering ziet dat er anders uit dan bij een cliënt die net is ingesteld.

Waarom de verpleegkundige wel zonder toezicht mag

Je hoort vaak dat verpleegkundigen insuline “gewoon” mogen geven en verzorgenden niet. Dat zit zo. Artikel 39 van de Wet BIG maakt het mogelijk om bij algemene maatregel van bestuur te bepalen dat bepaalde beroepen een aantal voorbehouden handelingen na een opdracht zonder toezicht en zonder tussenkomst van de opdrachtgever mogen uitvoeren. Dat heet functionele zelfstandigheid, en voor verpleegkundigen is dat voor onder meer injecties geregeld. Ook zij hebben dus een opdracht van een arts nodig, maar de eisen rond toezicht vallen weg.

Voor de verzorgende IG is dat niet geregeld. Jij werkt bij voorbehouden handelingen altijd onder de voorwaarden van artikel 35 en 38. Dat het in de praktijk vaak hetzelfde lijkt, de verzorgende IG op route met de insulinepen, betekent niet dat het juridisch hetzelfde is.

Wat je werkgever hoort te regelen

In de VVT wordt veel van wat de wet vraagt georganiseerd door de zorgorganisatie. Denk aan een protocol voor insuline geven, een vaste afspraak met de huisarts over hoe opdrachten worden vastgelegd, scholing en periodieke toetsing van bekwaamheid, en een verpleegkundige of arts die bereikbaar is voor overleg. Een bekwaamheidsverklaring staat niet als zodanig in de Wet BIG, maar veel organisaties gebruiken die om vast te leggen dat iemand de handeling beheerst.

Praktisch betekent dit dat je een paar vragen voor jezelf moet kunnen beantwoorden voordat je de pen pakt.

  • Is er een opdracht van een arts voor deze cliënt, en weet je waar die is vastgelegd?
  • Ken je de aanwijzingen, zoals dosering en tijdstip, en wat je doet bij afwijkingen?
  • Voel je je bekwaam voor deze handeling bij deze cliënt?
  • Weet je wie je kunt bellen als er iets niet klopt?

Kun je een van die vragen niet beantwoorden, dan is dat een signaal om eerst te overleggen. In ons stuk over risicovolle handelingen voor de verzorgende IG lees je hoe dit zich verhoudt tot handelingen die niet voorbehouden zijn maar wel risico dragen.

Onze conclusie is eigenlijk geruststellend. Een verzorgende IG die insuline geeft, werkt niet in een grijs gebied. De wet heeft er een duidelijk kader voor, en wie zich aan de opdracht, de aanwijzingen en de eigen grenzen van bekwaamheid houdt, staat sterk. Het wordt pas wankel als een van die drie ontbreekt en niemand het durft te zeggen.

Karin de Vries
verpleegkundige en praktijkopleider
Karin de Vries

Karin is verpleegkundige en begeleidt collega's bij voorbehouden en risicovolle handelingen. Ze weet uit de praktijk waar het verschil tussen bevoegd en bekwaam echt over gaat, en waar het misgaat.

karin@relias.nl · Meer van Karin de Vries →