Mag een verpleegkundige zelf medicijnen voorschrijven? Het korte antwoord is nee, tenzij je tot een van de groepen hoort die de wet daar uitdrukkelijk voor aanwijst. Die groepen bestaan wel, en ze zijn kleiner en strakker afgebakend dan veel mensen denken. Hieronder wat de Wet BIG en de regelingen eronder precies zeggen.
Het gaat in dit stuk om UR-geneesmiddelen, de middelen die volgens de Geneesmiddelenwet alleen op recept ter hand mogen worden gesteld. Medicijnen die je zonder recept bij de drogist of apotheek koopt vallen erbuiten. Voor het toedienen van medicatie gelden weer andere regels, die we uitleggen in wet en regelgeving bij medicatie toedienen.
Wie mag volgens de Wet BIG voorschrijven?
De voorschrijfbevoegdheid staat in artikel 36, veertiende lid, van de Wet BIG. Daar staat een gesloten rijtje van wie bevoegd is om UR-geneesmiddelen voor te schrijven.
- Artsen.
- Tandartsen.
- Verloskundigen, alleen voor zover het voorschrijven binnen hun eigen deskundigheidsgebied valt.
- Verpleegkundigen uit een categorie die de minister bij regeling aanwijst, onder strikte voorwaarden.
- Verpleegkundigen met een wettelijk erkend specialisme die de minister bij regeling aanwijst, binnen de beperkingen van die regeling.
- Physician assistants, alleen binnen hun eigen deskundigheidsgebied.
Een verpleegkundige heeft dus geen eigen voorschrijfbevoegdheid op grond van alleen een BIG-registratie als verpleegkundige. De bevoegdheid bestaat pas als je onder een van de twee ministeriële regelingen valt die het veertiende lid noemt. Dat zijn de regeling voor gespecialiseerde verpleegkundigen en die voor verpleegkundig specialisten.
De verpleegkundig specialist
De ruimste bevoegdheid hebben verpleegkundig specialisten. De Regeling zelfstandige bevoegdheid verpleegkundig specialisten uit 2018 wijst in de huidige versie twee groepen aan, de verpleegkundig specialist algemene gezondheidszorg en de verpleegkundig specialist geestelijke gezondheidszorg. Beiden zijn bevoegd tot voorschrijven, naast een aantal voorbehouden handelingen.
Die bevoegdheid is niet onbegrensd. Artikel 6 van de regeling stelt vijf voorwaarden. Het voorschrijven moet
- plaatsvinden binnen het deelgebied waarvoor de verpleegkundig specialist een erkende specialistentitel mag voeren,
- van beperkte complexiteit zijn,
- routinematig zijn,
- risico’s hebben die te overzien zijn,
- gebeuren volgens landelijk geldende richtlijnen, standaarden en daarvan afgeleide protocollen.
Een verpleegkundig specialist mag dus zelfstandig voorschrijven, maar alleen binnen het eigen vakgebied en bij voorschriften die passen bij die vijf voorwaarden. Wat daar in een concrete situatie onder valt, hangt af van het deelgebied en de richtlijnen die daar gelden. Meer over het beroep en de opleiding lees je in wat is een verpleegkundig specialist.
Gespecialiseerde verpleegkundigen in drie vakgebieden
Voor verpleegkundigen zonder specialistentitel is er de Regeling voorschrijfbevoegdheid verpleegkundigen, een regeling van de minister uit 2013. Die regeling noemt drie vakgebieden, met per vakgebied een eigen, smalle reikwijdte.
- Diabetes mellitus, alleen voor bloedglucoseregulerende geneesmiddelen.
- Oncologie, alleen voor antidiarrhoica, anti-emetica, benzodiazepinen, laxantia, middelen voor pijnbestrijding en secretieremmers.
- Astma en COPD, alleen voor inhalatiemedicatie.
Wie onder deze regeling valt, moet de aangewezen vervolgopleiding hebben afgerond. Voor een aantal oudere opleidingen geldt daarnaast de eis van een aangewezen module farmacotherapie.
De voorwaarden zijn hier strenger dan bij de verpleegkundig specialist. De Wet BIG zegt in artikel 36, veertiende lid, onder d, dat deze verpleegkundigen alleen mogen voorschrijven
- als een arts, tandarts of verloskundige de diagnose bij de patiënt heeft gesteld,
- als ze de medische protocollen en standaarden volgen,
- binnen de beperkingen van de regeling,
- en als hun bevoegdheid met een aantekening in het BIG-register staat.
De regeling zelf noemt bij elk vakgebied de diagnose door een arts. Een diabetesverpleegkundige mag dus geen insuline voorschrijven aan iemand bij wie nog geen arts diabetes heeft vastgesteld, en een longverpleegkundige alleen inhalatiemedicatie bij een vastgestelde diagnose astma of COPD.
Waar de grens ligt
Buiten deze groepen ben je als verpleegkundige niet voorschrijfbevoegd, ook niet als je veel ervaring hebt of de patiënt goed kent. Dat geldt ook voor verzorgenden IG en andere zorgverleners die geen voorschrijver zijn volgens artikel 36, veertiende lid. Een paar situaties die in de praktijk vaak verwarring geven.
- Medicatie toedienen of klaarzetten. Dat is iets anders dan voorschrijven. Het recept komt van een bevoegde voorschrijver, jij voert uit wat is voorgeschreven. Voor injecteren gelden de regels van de voorbehouden handelingen en de opdracht, zoals we uitleggen bij insuline geven als verzorgende IG.
- Een gespecialiseerde verpleegkundige buiten het eigen vakgebied. Een oncologieverpleegkundige met voorschrijfbevoegdheid mag geen bloeddrukverlagers voorschrijven, want die staan niet in de lijst van de regeling.
- Werken in het buitenland of met een buitenlands diploma. De regeling kent een aparte route via een verklaring van vakbekwaamheid of een erkenning door de minister. Een buitenlandse voorschrijfbevoegdheid geeft niet vanzelf dezelfde bevoegdheid in Nederland.
Zo controleer je een bevoegdheid
Twijfel je of een collega voorschrijfbevoegd is, of wil je je eigen registratie nakijken? Het BIG-register is openbaar. Bij gespecialiseerde verpleegkundigen moet de voorschrijfbevoegdheid als aantekening in het register staan, bij verpleegkundig specialisten staat het specialisme in het register. Hoe je zoekt lees je in het BIG-register raadplegen.
Ook wie wel bevoegd is, blijft verantwoordelijk voor elk voorschrift. Verpleegkundigen en verpleegkundig specialisten vallen onder het tuchtrecht van de Wet BIG, en een voorschrift buiten de grenzen van de regeling kan daar worden getoetst. Deze uitleg is een samenvatting van de wet- en regelgeving en geen medisch advies. Over welk middel bij welke patiënt past, beslist altijd een bevoegde voorschrijver aan de hand van de geldende richtlijnen.

