Er komen extra afspraken om de administratieve lasten in de zorg te verminderen. De speciaal gezanten van de regiegroep Aanpak regeldruk, Toosje Valkenburg en Stephan Valk, maakten ze bekend na overleg met de partijen achter de zorgakkoorden, meldde Skipr op 22 oktober. De aanleiding is weinig feestelijk. De eerste tussendoelen zijn niet gehaald.
Wat er nieuw is afgesproken
Het gaat om twaalf aanbevelingen, gericht op de organisaties in de zorg en niet op de individuele zorgverlener. Zorgaanbieders en verzekeraars moeten regeldruk als vast thema opnemen in hun jaarplannen en jaarverslagen. Een bestuurder moet de aanpak in zijn portefeuille krijgen, en er moet genoeg capaciteit zijn om projecten op te zetten. Veranderingen moeten op elk niveau worden doorgevoerd, landelijk, in de regio en binnen organisaties zelf. De laatste aanbeveling is dat partijen vertrouwen hebben in elkaars inzet.
De aanbevelingen staan niet in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord, omdat ze later zijn gemaakt. Volgens Valk hebben ze toch dezelfde status, omdat de ondertekenaars van dat akkoord ze hebben goedgekeurd.
Waar het doel staat en waar de zorg nu staat
De zorgakkoorden mikken op maximaal 20 procent administratietijd voor zorgprofessionals in 2030. Dat doel staat in het plan van aanpak van de regiegroep en in het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg. Als tussenstap zouden zorgverleners eind 2025 al twee uur per week minder aan administratie kwijt moeten zijn. Dat is niet gelukt.
Volgens cijfers van het CBS, zoals Skipr ze weergeeft, besteedden zorgprofessionals eind 2025 gemiddeld ongeveer 30 procent van hun werktijd aan administratie. Van 2020 tot de zomer van 2025 schommelde dat tussen 31 en bijna 32 procent. Er is dus een lichte daling, maar van 30 naar 20 procent is nog een derde van alle administratie die moet verdwijnen. Wie 32 uur per week werkt, zit nu rekenkundig op bijna tien uur administratie en zou in 2030 rond de zes uur moeten uitkomen.
Wat je er op de werkvloer van merkt
Op korte termijn waarschijnlijk weinig. De nieuwe afspraken gaan over hoe organisaties het onderwerp organiseren, niet over welke formulieren of registraties verdwijnen. Dat is ook de kanttekening die je bij het eerdere besluit van VWS kon maken, toen het ministerie de opdracht kreeg zeventig regels te schrappen zonder dat bekend was welke.
Toch geven de aanbevelingen je iets in handen. Als jouw organisatie regeldruk in het jaarplan moet zetten en een bestuurder er verantwoordelijk voor maakt, is er ook een plek om aan te kaarten welke registratie op jouw afdeling dubbel of zinloos is. Een landelijk voorbeeld daarvan is het programma om dubbel registreren op de afdeling terug te dringen. Concrete voorbeelden uit de praktijk zijn precies wat zo een bestuurder nodig heeft. Of 2030 haalbaar is, valt met deze cijfers nog te bezien.

